In 2017 investeert Nijmegen 100.000 euro extra in twee extra startgroepen voor peuters. Startgroepen zijn een beproefd concept in de voorschoolse educatie. Peuters met een taal- en of ontwikkelingsachterstand krijgen in de startgroep begeleiding om de stap naar het basisonderwijs vloeiender te laten verlopen. Of een kind een (risico op) achterstand heeft, wordt bepaald door het consultatiebureau van de GGD. Het budget gaat net als bij startgroep De Wieken, naar twee extra leerkrachten bij Het Octaaf en de Prins Mauritsschool.

Uit studies blijkt dat peuters met een taalachterstand in een startgroep meer kans maken op een goede start in het basisonderwijs. Kinderen die op een startgroep hebben gezeten, laten een nog sterkere ontwikkeling zien op taal, rekenen en selectieve aandacht dan de doelgroep peuters die naar de reguliere voorschoolse opvang zijn geweest. In een startgroep kunnen 2- en 3 jarige peuters zich spelenderwijs ontwikkelen in de onderwijsomgeving van de basisschool. Peuters maken minimaal 12 uren per week gebruik van de verrijkte speel en leeromgeving en een startgroep bestaat uit maximaal 16 kinderen.

Met startgroepen wordt ingezet op de doorgaande ontwikkel- en leerlijn om achterstand bij de start van de basisschool te voorkomen of te minimaliseren en de overgang naar het basisonderwijs te vergemakkelijken. Het organiseren van een kindvriendelijke overgang heeft positieve effecten op kinderen, ouders en personeel. Kinderen voelen zich snel thuis in de nieuwe klas, ouders bouwen een vertrouwensrelatie op met de nieuwe leerkracht en professionals van voorschoolse voorzieningen en basisscholen garanderen samen continuïteit in de ontwikkeling van kinderen. De startgroepen is een onderdeel van het beleidskader ‘Opvang en Onderwijs 0-12 jaar’. Daarin is de ambitie opgenomen om het voorschoolse aanbod nog verder te verbeteren.